
Voor veel mensen is werk vanzelfsprekend. Een ritme, collega’s, ergens naartoe gaan, ergens onderdeel van zijn. Maar voor de kandidaten die binnenkomen bij Wurkjouwer (onderdeel van Pastiel, het re-integratiebedrijf van Empatec) ligt dat vaak heel anders. Sommigen zitten al jarenlang thuis, kampen met complexe problematiek of zijn vastgelopen in eerdere trajecten. Een reguliere baan is voor hen lang niet altijd direct haalbaar. Toch betekent dat volgens jobcoach Henk Terpstra niet dat iemand geen plek meer heeft in de samenleving.
“Wij zijn een activeringslocatie,” vertelt Henk. “Bij ons draait het daarom niet alleen om uitstroom naar betaald werk. De focus ligt juist op ontwikkeling, werknemersvaardigheden, perspectief en weer meedoen. Je moet kijken naar de persoon en wat diegene nodig heeft. Niet iedereen past in de 9-tot-5-mentaliteit. Sommige mensen functioneren beter van tien tot vier. Dat maatwerk is ontzettend belangrijk.”
Kandidaten leren hier onder andere werknemersvaardigheden in de praktijk: op tijd komen, samenwerken, verantwoordelijkheid nemen, werkritme opbouwen. Daarnaast speelt ook het sociale aspect een belangrijke rol. Gezien en gehoord worden en weer in contact komen met anderen.
De kandidaten die bij Wurkjouwer binnenkomen hebben uiteenlopende achtergronden. Wekelijks zijn er ongeveer tachtig kandidaten die werken aan hun ontwikkeling. “Kandidaten worden via de gemeente aangemeld bij Pastiel voor een intake,” legt Henk uit. “Daar wordt gekeken wat het beste bij hen past. Wurkjouwer is eigenlijk een voorportaal: een plek om te ontdekken wat iemand kan, hoe iemand functioneert en wat er nodig is om verder te komen.”
En juist dat “in beeld blijven” is volgens hem cruciaal. “Sommige kandidaten stromen niet door naar regulier werk. Maar zolang ze hier zijn, blijven ze gezien. Anders bestaat de kans dat mensen onder de radar verdwijnen.” Juist dat menselijke aspect loopt als een rode draad door het werk van de Wurkjouwer. Kandidaten voelen zich er welkom, vertelt Henk. “Ze voelen zich hier gezien en gehoord. Het voelt voor veel mensen als een warm bad. Ze hebben weer een doel om ergens naartoe te gaan. Het gevoel dat ze er weer toe doen.”
Volgens Henk begint goede begeleiding bij oprechte aandacht. “Je moet niet oordelen voordat je de kandidaat kent. Ken je kandidaat, ken je werknemer, dat is het belangrijkste om verbinding te krijgen. Je moet tot de kern komen om verder te kunnen kijken.” Dat vraagt veel van de begeleiders. “Er wordt steeds meer van ons gevraagd,” zegt hij. “Je hebt affiniteit nodig, maar eigenlijk ook steeds meer opleiding en professionaliteit om goede begeleiding te kunnen blijven bieden.”
Tegelijkertijd geeft het werk hem veel energie terug. “Je ziet mensen opbloeien. Dat is het mooiste wat er is. En uiteindelijk draait het daar ook om: de mens achter het traject blijven zien.”
Hoewel Pastiel primair gericht is het begeleiden van deelnemers naar betaald werk, merkt Henk dat de praktijk soms weerbarstiger is. Niet iedereen kan doorstromen naar een reguliere baan. Dat roept volgens hem een belangrijke maatschappelijke vraag op: wat doen we met mensen voor wie betaald werk niet haalbaar blijkt?
“Misschien moeten we de discussie aangaan of we ook arbeidsmatige dagbesteding moeten aanbieden,” zegt hij. “De grens tussen dagbesteding en een traject richting werk wordt steeds troebeler.” Daarbij is samenwerking met andere organisaties essentieel. “Dat kunnen wij niet alleen. Daar heb je gemeenten en andere partijen voor nodig.”
Henk benadrukt dat realisme daarbij belangrijk is, zonder het geloof in mensen los te laten. “Niet iedereen is te begeleiden naar betaald werk. Maar iedereen verdient wel een plek.” Vrijwilligerswerk kan daarin bijvoorbeeld ook waardevol zijn. “Het gaat uiteindelijk om perspectief, ritme, sociale contacten en het gevoel dat je ertoe doet.”
“Als werkleerbedrijf vinden wij het ontzettend belangrijk om mensen niet alleen te begeleiden, maar vooral ook te laten leren door te doen,” vult Henk aan. “In de praktijk ontdekken mensen wat ze kunnen, waar hun talenten liggen en hoe ze zich kunnen ontwikkelen.”
Naast de kandidaten lopen er daarom ook regelmatig stagiaires van scholen voor praktijkonderwijs, deelnemers van de entree-opleiding van Firda, maar ook mbo-studenten van verschillende niveaus rond. Inmiddels is Wurkjouwer ook officieel gecertificeerd als SBB-leerbedrijf.
“Opleiden is ontzettend belangrijk,” zegt Henk. “Leerlingen die niet (meer) passen binnen het schoolse systeem of bij andere bedrijven niet op hun plek zitten komen hier terecht. We zien dan vaak dat ze hier wel hun draai vinden. Het is heel praktijkgericht en dat levert een positieve bijdrage op. Ze groeien hier stap voor stap in hun vaardigheden en zelfvertrouwen.”
Wat Wurkjouwer daarnaast onderscheidt, is de sterke koppeling met circulair werken. Het bedrijf ontvangt onder meer reststromen en materialen van verschillende bedrijven. Kandidaten demonteren, bewerken en verwerken de materialen vervolgens tot nieuwe producten, zoals meubels.
Die krijgen vervolgens weer een plek binnen circulaire verkooppunten zoals de kringloopwinkels van Omrin/Estafette. Maar ook worden er ‘weesfietsen’ opgeknapt. Deze fietsen staan vaak lange tijd onbeheerd, bijvoorbeeld bij het station. De afdeling handhaving van de gemeente levert deze fietsen aan bij Wurkjouwer. “Sommige fietsen demonteren we volledig en van de bruikbare onderdelen maken we met zorg weer één goede fiets. Voor een klein bedrag kunnen mensen met een kleine beurs via doorverwijzing een fiets aanschaffen. “Misschien moeten we wel veel meer richting de circulaire sector bewegen.”
Volgens Henk biedt juist de circulaire sector kansen voor kandidaten die in reguliere productieomgevingen minder goed tot hun recht komen. “Het is praktisch werk met zichtbaar resultaat. Mensen kunnen in hun eigen tempo vaardigheden opbouwen. Dat maakt het laagdrempelig én betekenisvol.”
Zijn ambitie reikt verder. “Hoe mooi zou het zijn als we een soort ontwikkelplek of winkel kunnen creëren met allerlei werkleerplekken? Van meubels maken tot websites bouwen. Een plek waar mensen kunnen ontdekken waar hun talenten liggen.”
Toch blijft Henk realistisch. “We kunnen niet voor elke kandidaat iets passends vinden.” Maar ondanks alle uitdagingen blijft zijn overtuiging overeind: iedereen kan iets bijdragen.
“Dat geloof ik echt,” zegt hij. “Iedereen is hier welkom.”