
Al acht jaar runnen Jeroen en Chantal Sikkens hun garagebedrijf in Sneek. Klanten kunnen er terecht voor onderhoud, reparaties en verschillende auto- en motorgerelateerde werkzaamheden. Sinds drie maanden is er een extra gezicht in de werkplaats: Moayad, een kandidaat van Pastiel die er twee dagen per week aan de slag is in het kader van zijn taalstage.
Taal leren in de praktijk
De taalstage maakt onderdeel uit van het inburgeringstraject van nieuwkomers. Binnen dat traject leren deelnemers niet alleen de Nederlandse taal, maar ook hoe de Nederlandse arbeidsmarkt en werkcultuur werken. Ze volgen taallessen en trainingen, zoals de Module Arbeidsmarkt en Participatie (MAP), en doen praktijkervaring op via bijvoorbeeld vrijwilligerswerk, werkervaringsplekken of een taalstage bij een bedrijf.
Door mee te draaien op een werkplek oefenen deelnemers hun Nederlands in de praktijk, leren ze werknemersvaardigheden en maken ze kennis met de gewoontes op de Nederlandse werkvloer.
Van Syrië naar de Sneker werkplaats
Moayad is twee jaar in Nederland en komt uit Syrië. “Zijn stage van drie maanden zit er bijna op,” vertelt Jeroen. “Hij doet allerlei klusjes in en om het pand en bij de auto’s. Daar wordt hij echt blij van. Hij wil heel graag aan het werk als automonteur, dus dit is voor hem een mooie plek om stage te lopen. Hoewel deze stage gericht is op het leren van de Nederlandse taal, is dit voor hem ook een mooie kans om meer te leren over het vak.”
De grootste uitdaging zit niet alleen in de techniek, maar vooral in de taal. “In de werkplaats is het veel vaktaal en technisch Nederlands. Dat maakt het lastig om hem alles bij te brengen.” Toch ziet Jeroen duidelijke vooruitgang: “Zijn Nederlands gaat steeds beter.”
Naast taal speelt ook cultuur een rol. “Het cultuurverschil is groot. Nederlanders zijn vrij in praten en doen. In zijn cultuur is dat niet gebruikelijk. Ook de verhouding tussen baas en werknemer is anders. Hij heeft ontzettend veel respect voor mij als werkgever.” Jeroen benadrukt dat hij zich daarin niet hoeft aan te passen. “Je moet gewoon kunnen zijn wie je bent.”
Leren door te doen
Het contact met Pastiel ontstond toen accountmanager Gonda en jobcoach Claudia langskwamen bij het bedrijf om te vragen of zij open stonden voor een taalstageplek. Grote verwachtingen had Jeroen vooraf niet. “In eerste instantie was het gewoon voor klusjes. Maar je ziet dat hij werkritme en structuur oppakt. Daarin ‘voeden’ we hem ook een beetje op. Als hij er niet is, spreken we hem daarop aan.”
In het begin was Moayad wat terughoudend, maar inmiddels is hij volledig opgenomen in het team. “Er worden grapjes gemaakt. Hij hoort er echt bij.”
Er wordt bewust niet gewerkt met een vertaalapp. “We doen het met gebaren, aanwijzingen en voordoen. Zo leert hij het in de praktijk.” En met resultaat: “Hij pakt nu uit zichzelf klusjes op. Daar is hij echt naartoe gegroeid,” vertelt Jeroen.
Begeleiding op de werkvloer
Jeroen begeleidt Moayad. Extra trainingen of begeleiding vanuit Pastiel waren voor hem niet nodig. “We hebben daar geen behoefte aan gehad.”
Wel is er oprechte interesse in de achtergrond van Moayad. “We praten over zijn afkomst en geloof, ook rond feestdagen. Daardoor voelt hij zich gezien.”
Het contact met Pastiel verloopt prettig. “De lijntjes zijn kort. Als er iets is, weten we ze te vinden.”
Wat levert het op?
Voor Garagebedrijf Sikkens draait het niet om SROI-verplichtingen of diversiteitsdoelstellingen. “Dat speelt bij ons geen rol,” zegt Jeroen nuchter. De belangrijkste motivatie is eenvoudiger: iemand een kans geven.
“Gewoon doen”
Zou Jeroen andere werkgevers aanraden om een taalstageplek aan te bieden? Zijn antwoord is helder: “Gewoon doen.”
De succesfactor? Geduld, duidelijkheid en iemand echt onderdeel maken van het team. “Hij is hier helemaal opgenomen. Iedereen verdient een kans om mee te doen in de maatschappij.”
En als het aan Garagebedrijf Sikkens ligt, blijft de deur open. Een nieuwe taalstagiair in de toekomst? “Jazeker.”